Sorry, onheilsprofeten. Op dit moment zie ik juist het tegendeel om me heen: er werd nog nooit zoveel geschreven. We bloggen, Facebooken en Twitteren er op los.
Bloggen voor je imago
Al die schrijfdoemdenkers zagen bij ‘schrijven’ misschien tochtige zolderkamers voor zich en figuren met een onhygiënische ganzenveer. Die zijn inderdaad uitgestorven. Maar wat ze vast niet hadden verwacht, is dat schrijven anno 2010 een belangrijk onderdeel vormt van je online imago.
Als zelfstandig professional (én als schrijver) word je van alle kanten aangespoord ‘te gaan bloggen’. Je moet je online kenbaar maken, laten weten wie je bent en waar je voor staat. Je moet ‘followers’ verzamelen en zorgen dat je relevant blijft. Irrelevant ben je al gauw, op het zichzelf elke minuut verversende internet. Met als gevolg dat we ons helemaal suf schrijven.
Hoera?
Taalblogs en inhoudblogs
Ik ga nu iets heel vervelends zeggen, waarmee ik me instant impopulair – en wie weet, irrelevant – zal maken: ik persoonlijk erger me nogal aan de meeste blogs.
Niet slaan! Laat me het uitleggen.
‘Blog’ betekent voor mij zoiets als ‘online column’. Een relatief kort, prikkelend geschreven verhaal, met interessante observaties en een kop en een staart. Geen woord te weinig, geen woord te veel. Een blog als een gedicht.
Sommige blogs zijn inderdaad zo: die van schrijvers. Voor hen is een leuk, foutloos blog natuurlijk reclame. Zij doen hun best op de taal. Andere schrijvers bloggen over hun vakgebied en wat ze daar zoal in uitspoken. Hun blogs lijken meer op interessante, maar nogal slordig geschreven persberichten. Daarin staan zinnen als:
Zakelijke contacten is ook een van die moeilijke ‘onderwerpen’ voor mij. Ik houdt me heel erg bezig met hoe ga ik om met die organisaties en hoe geef je dat contact een goede rol in de samenwerking. (voorbeeld geparafraseerd)
To zeik or not to zeik
Met een beetje goede wil begrijp ik best wat hier staat. Het is zelfs heel interessant. Maar die taal! Die taal!
De vraag is natuurlijk of het gebruik van kromme taal bij een interessante inhoud erg is. Je bereikt met zo’n blog immers je doel: mensen snappen en volgen waar je je mee bezig houdt. Er komt een discussie op gang. Wat maken die paar taalfoutjes dan uit?
Taalimago
Speciaal voor die vraag roep ik bij deze de omschrijving ‘taalimago’ in het leven.
Handig om je af te vragen bij het bloggen: wat voor taalimago wil ik?
Is het nuttig om spits en vooral foutloos te schrijven? Kom ik in mijn vak dan significant professioneler over? Of heeft mijn vakgebied maar zijdelings iets met taal te maken, en is het nuttiger voor mij om snel interessante berichten die wat losmaken te kunnen posten, in plaats van steeds het woordenboek erbij te pakken en elke zin drie keer te herschrijven?
Natuurlijk, dat laatste gaat mij persoonlijk zeer aan het hart. Maar als ik er zo over nadenk moet ik toegeven dat misschien niet iedereen een vlekkeloos taalimago nodig heeft.
Mijn professionele advies kortom: blog naar je taalimago!
Taalpuriteinen zoals ik moeten dan maar de andere kant op kijken. Of we doen lekker de computer uit en pakken er een boek bij. Van zo’n uitgestorven figuur met onhygiënische ganzenveer.
Niet goed voor het imago – maar wel voor de gemoedsrust.






April 1st, 2010 - 17:23
[...] Lees de column -> Filed under: Mijn blogs Comment (0) [...]