PORTRETTEN #3

Het schiet lekker op met 24/7 (magazine voor aankomend studenten van HKU)! Na een ontzettend leuke bijeenkomst bij de vormgevers van Thonik dinsdag, ben ik nu de interviews met alumni in hun definitieve vorm aan het gieten. Hierbij een interview met Tamar Stalenhoef, theatervormgeefster. Het ROtheater won een Zilveren Krekel met Woef Side Story, een voorstelling met hondenpoppen gemaakt door Tamar.

Ogen dicht en springen

Hoe kom je erbij?
Toen ik klaar was heb ik meteen een KVK-nummer aangevraagd. Mijn bedrijf heet gewoon Tamar Stalenhoef. Want stel dat je het Klein Lief Vogeltje noemt; vind je dat dan over vijf jaar nog leuk?
Ik wilde gelijk zelfstandig zijn: naast mijn freelancewerk heb ik doosjes gevouwen, mobiele telefoons ingepakt…heel suf werk gedaan. Uiteindelijk heb ik gesolliciteerd bij het ROtheater, als requisiteur, en werd ik vervolgens gevraagd om poppen te maken voor Woef Side Story.

Wat heb jij in het werkveld moeten bij- en afleren?
Een bepaalde rommeligheid heb ik moeten afleren. Bij het ROtheater ging ik bijvoorbeeld altijd op de grond zitten. Maar: je zit in de weg, het is slecht voor je houding – maak even een tafeltje voor jezelf. Dat heeft met professionaliteit te maken. Ik heb geleerd voor mezelf te zorgen. En wat ik ook heb geleerd…vaak als ik ergens werd aangenomen, dacht ik ‘dit is toeval’. Ik ben nu zekerder van wat ik kan. Dat heeft ook met de hondenpoppen te maken, ik heb zoveel positieve reacties gehad!

Had je voor je gevoel ook een band met de honden?
[lacht] Ja…‘ik ga lekker aan Rover werken’. De spelers hadden het ook. Aan het eind van de voorstellingenreeks vroeg iemand: ‘Wat gebeurt er nu met mijn hond? Hij ruikt precies zoals mijn teddybeer vroeger.’ Dat vond ik zo lief! Maar helaas. Hij ligt gewoon op de zolder van het RO.
Wat ik fijn vond aan deze klus is dat je in een vast kader werkt. Je hebt planningen: ‘Ik heb nu een uur om dit oog te schilderen’. Bij mij brengt dat het beste naar boven. Als theatervormgever sta je sowieso in dienst van een voorstelling. Hoe beter jij je tijd benut, hoe beter de voorstelling wordt.

Is dit leven, inclusief bijbaantjes en dilemma’s, wat je verwachtte?
Het is een langzame opbouw. Daar moet je op voorbereid zijn: je bent niet meteen honderd procent aan de bak. Je wilt die klus krijgen waarvan je denkt ‘hè hè, nu ben ik gevestigd’, maar ik denk dat die nooit komt. Een bepaald soort realisme heb ik wel gekregen. De enige zekerheid is dat ik voor altijd op zoek zal zijn naar werk.

Dat klinkt grimmig.
Maar zo ervaar ik het niet. Want ik doe wel het allerleukste werk van de wereld. Dat is ook ambitie. Ik blijf doorgaan, mailen, bellen: ik wil het echt graag. Financieel is het heel verschillend. Soms werk ik tachtig uur in een week, maar kan ik me de maanden daarna weer redden. Zolang je een beetje met geld kunt omgaan, red je het wel.
De twijfel of je goed genoeg bent…die moet je wel aankunnen. Niet eens ‘heb ik volgende maand geld voor de huur’, maar twijfel over je artistieke kunnen. Maar ik denk dat je je daar niet door moet laten afschrikken. Ik heb ook altijd getwijfeld, en ik ben nog steeds bezig. Ik denk: durf met de twijfel te zijn en het toch te doen. Even je neus dichtknijpen, ogen dicht en in het diepe springen.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *